logo

Tropisch hout

Grenadille

Grenadille ruw Grenadille gereed

Iets wat niet iedereen weet is dat grenadille behoort tot de palissanderfamilie (botanische naam: Dalbergia melanoxylon). Omdat grenadille zo sterk lijkt op ebben denken de meeste mensen dat het een ebbensoort is. Een andere naam is African Blackwood, begrijpelijk als je weet dat het hout afkomstig is uit Oost-Afrika. Grenadille is een van de allerzwaarste houtsoorten met een soortelijk gewicht van circa 1,3; dus gooi je het in water, dan zakt het meteen weg.

Grenadille is een zeer dankbare houtsoort als de fluit eenmaal klaar is, maar om het te bewerken heb je zeer scherpe gereedschappen nodig, en een goed stofmasker en dito kleding omdat het irriterend kan werken. Het is erg hard en vraagt geduld bij het bewerken. Ook bij het inspelen van de fluit overigens: hoe harder het hout, hoe meer tijd het nodig heeft om soepel te gaan klinken. Als het inspelen gebeurd is, heeft de speler een uiterst betrouwbaar en stabiel instrument. De klank is hard maar ook rond, en tamelijk uitgesproken. In tegenstelling tot ebbenhout barst grenadille bijna nooit, daarom verkies ik dit boven ebben. Voor de liefhebbers van harde houtsoorten is dit een van de geliefdste, de koning(in?) onder de soorten.

Rio palissander

palissander ruw palissander gereed

Rio palissander is een wat milder zusje van grenadille. De botanische naam is Dalbergia nigra. Het opvallendste van deze houtsoort is de geur: een zoet ietwat naar chocolade ruikend hout, met een dito kleur. Vaak zijn er roodbruine strepen afgewisseld met donkerbruine. Het hout is lichter in gewicht dan grenadille en klinkt iets minder brutaal, maar toch nog echt naar een typisch tropische soort. Het hout komt uit Brazilië. Omdat rio palissander een bedreigde houtsoort is, is er internationaal een handelsverbod op dit hout ingesteld. Gelukkig heb ik nog een tamelijk grote voorraad.

Andere palissanders die ik gebruik maar die ik niet verder bespreek zijn Honduras, Indisch, Vietnam, Madagascar palissander en Kingwood. Nadere informatie op aanvraag.

Cocobolo

Cocobolo ruw Cocobolo gereed

Nog een palissander die ik apart benoem is cocobolo (Dalbergia retusa), vanwege zijn typische eigenschappen. Cocobolo vertoont bij bewerking een variëteit aan kleuren: van lichtroze via oranje naar bruin en ten slotte zwart. Op den duur wordt het hout helemaal zwart. Cocobolo, afkomstig uit Mexico, is een beetje peperig, kan erg kruisdradig zijn en tamelijk dicht van nerf. Sommige mensen zijn allergisch voor cocobolo vanwege een licht toxische stof in het hout.

De klank van cocobolo is fel en soms een beetje aan de ruwe kant, hetgeen erg uitdagend en ook charmant kan zijn. Altijd goed te horen en eenmaal ingespeeld erg flexibel, ook qua dynamiek, en met een snelle attaque. Sommige mensen zweren bij deze houtsoort als ze eenmaal een fluit ervan hebben, anderen vinden het te uitgesproken. Alleen daarom al een waardevolle houtsoort, met een zo eigen katakter. Ook cocobolo is een beschermde houtsoort, nog nauwelijks te koop en erg duur.

Pau Amarelo (geelhout)

Yellow wood ruw Yellow wood gereed

Binnen de tropische houtsoorten is dit de enige blonde: geelhout. Waar de naam vandaan komt is niet moeilijk te bedenken... Het lijkt erg op ivoorhout (Bafourondendron riedelianum), beide afkomstig uit Brazilië.

Wat eigenschappen betreft lijkt geelhout het meest op buxus, hoewel de klank wat milder is en de nerf wat opener. Vaak wordt dit hout gebruikt als alternatief voor buxus. Ik vind de klank vriendelijker en voor de liefhebbers van een flexibel en niet alleen maar helder geluid komt deze houtsoort goed in aanmerking.

Deutsch | English | Nederlands | Español